Veel gescheiden moeders in co-ouderschap herkennen dit patroon: je probeert op kinddagen zoveel mogelijk beschikbaar te zijn, en op niet-kinddagen een soort complete volwassene + werknemer + sociaal mens + huishoudmanager tegelijk te worden. Bovendien gaan veel mentale klusjes en praktische moetjes rondom de kinderen ook gewoon door als ze er niet zijn. Dat is structureel te veel. Hoe ga je van overleven naar meer balans?

De tijd mét de kinderen bestaat uit broodtrommels, sporttassen, ‘mam waar is mijn…’, speelafspraken, koken, onderhandelen over schermtijd, pleisters plakken op geschaafde knietjes en ondertussen proberen een liefdevolle, aanwezige moeder te zijn. En de week of dagen zónder kinderen? Die blijkt geen vrije week maar een inhaalweek. Werk. Huishouden. Administratie. Sociale afspraken waar je niet aan toen kwam toen je kroost er was. Sportschoolbezoekjes: zelfde verhaal. Hoe dat komt?

Er zit een verborgen val in co-ouderschap: op kinddagen wil je er écht zijn. Misschien zelfs extra, omdat je de helft van hun leven mist. Dus maak je quality time belangrijk. Je gaat mee naar sport. Je luistert aandachtig naar verhalen die beginnen met ‘En toen zei Jayden…’en pas twintig minuten later ergens aankomen. Je kijkt, terwijl je in je hoofd een boodschappenlijstje aanvult, weer naar een tekening of een dansje (‘nee, dat was ‘m niet!). Of naar die nieuwe Brawl Star in de game. Je bent beschikbaar, liefdevol, betrokken. Je staat nonstop aan, want: de andere ouder is er niet. Dat kost bakken met energie; ongemerkt schuif je taken door naar later.

De Grote Inhaalrace

Later blijkt dan dinsdagavond om 22.14 uur, terwijl je een wasmand wegwerkt en eigenlijk gewoon naar bed wilt. En dan komen de kinderloze dagen. Dán moet alles gebeuren. Werk knallen, extra uren maken. Het huis herstellen van een kleine menselijke tornado. Sporten. Afspraken inhalen. Het onkruid uit de tuin trekken, die gore groenbak eindelijk eens uitspoelen en je douche ontkalken. Een verjaardagscadeautje scoren voor het kinderfeestje dat zoonlief bijna heeft. Checken of er eigenlijk wel voldoende kleding in de juiste maten klaarligt voor het nieuwe seizoen.

Wandelen, want die stappen zetten lukt ook maar half als de kinderen er zijn en jij de deur niet uit kunt. Reageren op berichtjes van de juf in Parro, noteren dat ze op donderdag pyjamadag hebben en op vrijdag wc-rolletjes mee moeten nemen. In je agenda bladeren omdat er nog hulpouders nodig zijn voor dat ene evenement op de volleybalclub. En oja: die tandartsafspraken moesten nog ingepland!

En zo is er nooit tijd om af te remmen. Het probleem is waarschijnlijk niet dat je meer discipline nodig hebt, maar dat je systeem geen ruimte bevat voor herstel, plezier en traagheid.

Stop met de niet-kinddagen behandelen als inhaaldagen

Dit is vaak de grootste energielek. Veel co-ouders denken onbewust of juist heel bewust: ‘Nu zijn de kinderen er niet, dus moet ik maximaal werken én alles regelen waar ik niet aan toe kom als ze alle twee om me heen hangen of ruziemaken als ik even de was ga ophangen op zolder.’

Daardoor worden die dagen geen oplading maar een tweede sprint. Probeer eens:

  • één avond per week expliciet leeg te houden
  • niet alle huishoudtaken op te sparen: maak een realistische planning en probeer je eraan te houden
  • werkuren te begrenzen alsof je ook dan kinderen thuis hebt

Maak onderscheid tussen ‘functioneren’ en ‘voeden’

Nu gaat bijna alle energie naar functioneren:

  • werk
  • logistiek
  • huishouden
  • planning
  • zorgen

Maar levenslust ontstaat meestal niet vanzelf uit efficiëntie en moetjes. Daarvoor heb je dingen nodig die jou voeden:

  • creativiteit
  • stilte
  • speelsheid
  • sensualiteit
  • natuur
  • diepe gesprekken
  • iets nieuws leren
  • autonomie zonder nut: niksen en doen waarin je op dat moment zin hebt
  • in je eentje erop uit

Dus niet: ‘Waar heb ik tijd voor?’

Maar: ‘Waar voel ik me blij en levend van worden?’

Verlaag je norm van aanwezig moederschap

Je hoeft niet continu 100 procent actief betrokken te zijn om een goede moeder te zijn.

Kinderen hebben ook baat bij:

Veel ouders, zeker na een scheiding, gaan compenseren met intensieve aanwezigheid. Dat komt vaak uit liefde én schuldgevoel tegelijk. Maar het maakt het ouderschap zwaarder dan nodig.

Bouw ritmes in plaats van voortdurend schakelen

Je zenuwstelsel raakt uitgeput van constant switchen. Denk minder in alles passend krijgen en meer in vaste ankers. Vaste sportmomenten in de week, of de kinderen er zijn of niet (het kan namelijk ook thuis). Plan een vaste, simpele-maaltijd-dag en een vaste schoonmaakstructuur van iedere keer een beetje. Hou het bij een of twee sociale afspraken in de week, in plaats van spontane drukte. Maak van zondagavond geen regelavond maar een echte herstelavond. Saaiheid en voorspelbaarheid zijn soms precies wat een overbelast systeem nodig heeft.

Kijk eerlijk naar eenzaamheid

Levenslust verdwijnt soms niet door drukte alleen, maar door gebrek aan echte voeding:

  • weinig gezien worden als vrouw/mens
  • altijd verantwoordelijk zijn
  • geen ruimte om zelf gedragen te worden

Bedenk wat je hierin kunt veranderen voor jezelf, wat je echt nodig hebt en wat op korte termijn haalbaar is. Wacht niet op motivatie om iets te veranderen. ‘Als ik energie heb, ga ik echt met mezelf aan de slag’: dat wordt meestal niets. ‘Ik ga eerst structureel aan mezelf denken, verbinding zoeken met anderen en dan voel ik me vanzelf beter en energieker.’

Lees ook: Plannen en vooruitdenken; zo blijft alles draaien

Mis niks!

Meld je aan en krijg automatisch bericht bij nieuwe content.

We spammen niet! Lees ons privacybeleid voor meer info.